Centrum
Op de Grote Markt verwelkomt Brabo u in de sfeer van een
wereldstad uit de 16de en 17de eeuw. Daarvoor zorgen de
trotse gildenhuizen met hun trapgevels en gouden beelden;
staaltjes van hoogbouw uit ver vervlogen tijden, bedoeld
om de macht en de rijkdom van de gilden te etaleren.
Een aantal van die gebouwen zijn wel reconstructies uit de
19de eeuw, gebaseerd op de talrijke oude schilderijen van
de Grote Markt. Net als Brabo getuigen de gildenhuizen dus
ook van een romantische hang naar een roemrijk verleden
van welvaart en vrijheid.
Vandaag is de Grote Markt nog steeds een levendig centrum
met talrijke cafés, restaurants en gezellige terrasjes.
Dé blikvanger is uiteraard het Stadhuis. Dat werd tussen
1561 en 1565 opgetrokken onder leiding van bouwmeester
Cornelis II Floris de Vriendt, met medewerking van
onder meer de Italiaan Nicolo Scarini, vandaar de ‘Vlaams-
Italiaanse renaissancestijl’, ook wel de ‘Florisstijl’ genoemd;
een opzienbarende nieuwigheid voor de 16de-eeuwse Nederlanden en een voorbeeld dat tot in Scandinavië werd
nagevolgd.
In 1576, tijdens de Spaanse Furie, staken de muitende
Spaanse soldaten het gebouw in brand. Maar in 1579 was
het alweer herbouwd. Oorspronkelijk had het Stadhuis een
niet-overdekte binnenplaats. De overkapping kwam er tijdens
een grondige renovatie in de 19de eeuw. Het huidige
interieur, met heel wat beschilderde muurpanelen, dateert
grotendeels van toen.
Eén stap in de Vlaeykensgang en u bent in een andere tijd,
een andere wereld. Zelfs de geluiden van de moderne stad
dringen niet door tot deze wirwar van steegjes en gangetjes.
Neem, zoals de kenners, die stilte te baat als de beiaard
speelt.
Nog zo’n oase is het Hendrik Conscienceplein. Hier sluit de
stad u in haar beschermende armen. De triomfantelijke barokfaçade
van de Sint-Carolus Borromeuskerk vormt er een
harmonisch geheel met de statige classicistische gevels
van de Stadsbibliotheek, bewaakt door de 19de-eeuwse
Vlaamse auteur naar wie het plein genoemd is.
De Oude Beurs in de Hofstraat dateert van 1515 en verving
een nog oudere. De galerij rondom het binnenplein
vertoont Italiaanse architectuurinvloeden, maar voor het
ruimtelijke concept stonden de ‘panden’ model waar de
Antwerpse kooplieden handel dreven. Hier ontstonden de
eerste moderne beursactiviteiten.
Antwerpen was toen één van ‘s werelds belangrijkste financieel-
economische centra. Vandaar dat reeds in 1531 in de
Twaalfmaandenstraat een nieuwe en zeer grote Handelsbeurs
werd opgericht: ‘de Moeder van alle beurzen’, die
onder meer model stond voor de beurzen van Amsterdam,
Londen en Rijsel (Lille). Het gebouw brandde af in 1581 en
werd twee jaar later heropgebouwd. In 1856 werd ook deze
beurs door brand verwoest. De huidige reconstructie dateert
van 1872, maar is, afgezien van de overkapping, nog
steeds gebaseerd op het oorspronkelijke plan.
De Meir is niet alleen Antwerpens beroemdste winkelwandelstraat.
Heb ook oog voor de 19de-eeuwse eclectische
gevels en voor monumenten als het voormalig Koninklijk
Paleis of het Osterriethhuis. En natuurlijk kan u onmogelijk
naast de ‘Boerentoren’ kijken. Dit 97 meter hoge torengebouw
werd in 1932 voltooid en was toen de eerste ‘wolkenkrabber’
op het Europese vasteland.
Na een wandeling over de Meir vindt u verpozing op de
terrasjes van de de Keyserlei. Loop ook even het Centraal
Station binnen. Deze monumentale ‘spoorwegkathedraal’,
met een enorme overkoepelde hal, werd 100 jaar geleden
gebouwd en behoort tot de mooiste stations van Europa.
Het sfeerrijke Zuid
Het Antwerpse ‘Zuid’ is het mekka van de Vlaamse cultuurwereld
geworden. Net zoals in Amsterdam gebeurde,
werkte de speciale sfeer van de buurt als een magneet op
kunstenaars. Vele schrijvers, dichters en acteurs woonden
of wonen in een straal van een kilometer rond het Koninklijk
Museum voor Schone Kunsten. Als u op een zonnige dag
in de wijk rondloopt, begrijpt u wel waarom.
Architectuurliefhebbers moeten beslist een kijkje nemen in
een verder gelegen wijk. Van hun bezoek aan het Koninklijk
Museum voor Schone Kunsten, het MuHKA of het Fotomuseum
Provincie Antwerpen kunnen ze gebruik maken
om ‘het Zuid’ te verkennen. De Antwerpenaars noemen
‘het Zuid’ wel eens ‘klein Parijs’. Dat heeft te maken met de
typische stedenbouwkundige aanpak: een stervormig stratenpatroon
met vele pleinen en boeiende perspectieven. In
deze wijk bevinden zich mooie art-nouveaugebouwen, classicistische
straten en monumenten, zoals de Waterpoort
en het Zuiderpershuis.
Het is vooral op het Zuid dat de bouwstijl art nouveau is
geconcentreerd.
Zo was in 1901 de bouw van het voormalige Liberale
Volkshuis Help U Zelve revolutionair (Volksstraat 40,
van het architectenduo Jan Van Asperen en Emile Van Averbeke). Momenteel is het pand eigendom van de Rudolf
Steinerscholen. Deze parel in steen, gesmeed ijzer en
mozaïek is sinds 1974 beschermd en ontving de Europa
Nostra-prijs in 1995.
Een ander prachtig voorbeeld uit hetzelfde bouwjaar is het
complex ‘De Vijf Werelddelen’, beter bekend als ’t Bootje,
van de hand van Frans Smet-Verhas (hoek Schilders- en
Plaatsnijdersstraat). De merkwaardige gevel met een opvallende,
uitkragende scheepsboeg herinnert ons blijvend
aan de opdrachtgever P. Poels, die aan het hoofd stond van
een welvarend scheepsherstellingsbedrijf voor houten boten.
Deze art nouveau-huizengroep prijkt eveneens op de
uitgebreide lijst van Antwerpse beschermde monumenten.
Het statige Zurenborg
Antwerpen biedt heel wat moois aan architectuur uit
het einde van de 19de eeuw en het begin van de 20ste
eeuw. In diverse stadskernen vindt u een concentratie van
herenwoningen: in de Leopoldwijk, om de Belgiëlei en het
Leikwartier, in de omgeving van de Markgravelei, Van
Putlei en Jan Van Rijswijcklaan.
Hét paradepaardje is ongetwijfeld de wijk
Zurenborg op het
grondgebied Berchem, een woonkern die gelegen is tussen
het station van Berchem en de Tramplaats. Naast de prestigieuze Cogels-Osylei stralen nog zes andere straten met
prachtige stadswoningen de sfeer uit van de fi n-de-siècle
bouwkunst.
Daar kan u een zeldzame verscheidenheid aan bouwstijlen
bewonderen, die de buurt tot een internationaal vermaard
architecturaal curiosum maakte. De beste architecten konden
hier hun talenten welig botvieren en een bezoek is
beslist de moeite waard. De wijk Zurenborg werd in 1980
beschermd als stadsgezicht.
De wandelgids Zurenborg is te koop bij
Toerisme Antwerpen.
Het veelzijdige Eilandje
Het ‘Eilandje’ is een interessant stukje havengebied waar
de oudste dokken gelegen zijn. Ooit bruisend van bedrijvigheid
kent deze voormalige arbeiderswijk de laatste jaren
stilaan een opwaardering. In de toekomst wordt het ongetwijfeld
een attractieve stadskern met nieuwe troeven
– van culturele ontmoetingsplaats tot trekpleister voor watertoeristen.
De wandelgids ‘t Eilandje is te koop bij
Toerisme Antwerpen.
Parken
Hét park van de Antwerpenaar is het Nachtegalenpark: een
verzamelnaam voor de parken Vogelzang, Den Brandt en
het Middelheim, waarin het Openluchtmuseum voor Beeldhouwkunst
is gelegen; samen goed voor 90 hectare groen
net ten zuiden van de stad.
Meer parken zijn te vinden in het district Deurne. Uw groene
uitstap kan daar gepaard gaan met een bezoek aan het
Zilvermuseum Sterckshof.
Dit slot, een reconstructie uit 1930 van een 16de-eeuwse
buitenplaats, bevindt zich in het Provinciaal Domein Ter
Rivierenhof. In dat uitgestrekt park met grote vijvers ligt eveneens het kasteel Rivierenhof.
Ook in de stad zelf gaan natuur en cultuur hand in hand.
Het Stadspark is een restant van het Fort Herentals, een
voorvesting van de 16de-eeuwse omwalling.
U kan ook verpozen op de Groenplaats, de Veemarkt, in de
tuin van het Etnografi sch Museum (ingang Kaasstraat), het
nieuwe binnenpleintje van de Koraalberg en talloze andere
kleine pleintjes en plekjes met rustbanken.
Het Steenplein is bovendien maar een steenworp ver.
De rustige plekjes
In de stad bieden niet alleen de bekende parken verpozing
en rust. Er vallen ook heel wat (veelal verborgen) stille plekjes
te ontdekken: in binnenkoeren, pleintjes en tuinen. De
bekendste oase van rust in de historische stadskern is ongetwijfeld
de Vlaeykensgang (Oude Koornmarkt 16). Daarnaast
heeft het Begijnhof een mooie binnentuin met boomgaard
en vijvertje, omgeven door gekasseide straatjes en
gefl ankeerd door het Sint-Catharinakerkje.
De Botanische Tuin, met zo’n 2.000 merkwaardige of zeldzame
planten, is gelegen in de Leopoldstraat. De tuin vindt
zijn oorsprong in de kruidentuin van het middeleeuwse
Sint-Elisabethgasthuis, nu nog steeds een hospitaal. In
de oude gebouwen vindt het cultuur- en congrescentrum
Elzenveld onderdak.
Schelde
Niet alleen op de verhoogde wandelterrassen bij het Steen,
maar ook onder de ‘hangars’ kunt u langs de Schelde flaneren.
Hier hangt nog helemaal de sfeer van de 19de-eeuwse
haven. Nu worden er nog maar weinig schepen gelost of
geladen, maar geregeld varen wel degelijk merkwaardige
vaartuigen aan, zoals cruise- en zeilschepen of oorlogsbodems.
Verder noordwaarts strekt zich ‘het Eilandje’ uit, als een
bizar filmdecor, met monsterachtige ophaalbruggen, drijvende
kranen, droogdokken als amfi theaters en monumentale
stapelhuizen waaronder Sint-Felix of het 16de-eeuwse
Hessenhuis. In het Bonapartedok, gegraven op bevel van
Napoleon, kan u oude binnenschepen bekijken.
Nello en Patrasche
Nog vermeldenswaard voor wie vertrouwd is met het
verhaal van Nello en Patrasche: het beeldje dat hen vereeuwigt
vindt u buiten het stadscentrum, in het district
Hoboken (ter hoogte van de Infowinkel in de Kapelstraat
3). De Frans-Engelse schrijfster Marie Louise de la Ramée
(1839-1908), alias Ouida, schreef na een bezoek aan Antwerpen in 1871 het boek “A dog of Flanders”. Het is het
verhaal van de jongen Nello en zijn trouwe hond Patrasche.
Ze woonden in Hoboken, trokken dagelijks met een melkkar
naar Antwerpen en kwamen er dramatisch aan hun
einde in de O.-L.-Vrouwekathedraal. Het boek kwam in
Japan en Korea terecht, werd vertaald en is daar nog steeds
een bestseller. Veel Japanse en Koreaanse kinderen kennen
de tragische lotgevallen van Nello en Patrasche en hebben
dankzij dit verhaal Antwerpen en Rubens ontdekt. Beide
figuren zijn ook vereeuwigd in een zitbank; een kunstwerk
dat u aantreft voor de O.-L.-Vrouwekathedraal, op de Handschoenmarkt.
Routes
Het bovenstaande overzicht is maar een aanzet. Wie
Antwerpen echt grondig wil verkennen, vindt bij Toerisme
Antwerpen een hele reeks wandelgidsen, fietsroutes en
een autoroute doorheen het havengebied. Een greep uit
het aanbod:
De bezoekersgids met stadsplan 12 Avonturen in Antwerpen
doorkruist 12 buurten (in N of E voor € 3,50).
De Historische wandelbrochure beschrijft 2 wandelingen
doorheen de oudste woonkern (in het N, F, D en E voor
€ 0,50).
De Wandelgids Zurenborg (in N, F en E voor € 1,50) en Het
Eilandje (in N, F en E voor € 1,50).
De Modewandelgids (in N, F en E voor € 5,00).
De Nello en Patraschewandeling (in N, E, Japans en Koreaans
voor € 1,25).
De nieuwe Rubenswandelgids spitst zich toe op Pieter Paul
Rubens, zijn familie, werk, bedrijf en de sporen die hij naliet
Nello en
Patrasche
in de stad (in N, F, D en E voor € 5,00).
De Havenroute is een parcours dat u door de haven voert (in
N en E voor € 1,50).
|